Erf Ingen
Een plek voor de toekomst
Transformatie van erven
Verschillende variantenstudies
Voor bewoners van een bestaand erf hebben we een toekomst beeld geschetst. Door een aantal varianten te schetsen zijn de mogelijkheden ontdekt die passen bij de locatie. Eén variant sluit aan bij de bestaande typologie van T-boerderijen in het Betuwelandschap met meerdere woningen onder één kap. De tweede variant is een samengesteld erf met hoofdwoning, schuurwoningen en hooibergwoning. De laatste variant is een uitwerking voor met 2 vrijstaande en 1 2^1 kapschuurwoning.
Uitwerking visie
Een hoofdwoning met een bijgebouw, zoals veel te vinden op boerenerven rondom het plangebied, vormt het uitgangspunt. De hoofdwoning is een 2^1 kapwoning waarbij de ene vanaf het erf een ontsluiting heeft en de andere rechtstreeks vanaf De Brenk. Het bijgebouw is een volume met een gebroken kap, zodat deze bijdraagt aan het landelijke en agrarische karakter van het gebied. De kapschuur bestaat uit één volume met daarin zes rijwoningen.
De belangrijkste uitgangspunten van het ontwerp
Bebouwingstypologie
Een hoofdwoning met een bijgebouw, zoals veel te vinden op boerenerven rondom het plangebied, vormt het uitgangspunt voor concept 2. De hoofdwoning is een 2^1 kapwoning waarbij de ene vanaf het erf een ontsluiting heeft en de andere rechtstreeks vanaf De Brenk. Het bijgebouw is een volume met een gebroken kap, zodat deze bijdraagt aan het landelijke en agrarische karakter van het gebied. De kapschuur bestaat uit één volume met daarin zes rijwoningen
Landschapsinrichting
Een boomgaard aan de oostzijde van het erf zorgt voor een groene inpassing vanaf het kruispunt. De diverse scheerhagen zorgen voor een groene structuur binnen het plangebied. Ook hier wordt er een sloot toegevoegd voor een optimale afvoer van het water. Parkeren vindt plaats op het voorerf op open verharding, omzoomd door een haag met daarvoor een rij bomen om de bebouwing uit het zicht te werken. De woningen hebben allemaal een eigen perceel en achtertuin waarbij de erfafscheiding bestaat uit regionaal inheemse struiken en vooraf wordt bepaald. Aan de westzijde wordt de perceelsgrens aangezet door een struweelhaag. Een solitaire boom op het achtererf van de 2^1 kapwoning vormt een herkenningspunt van het erf.